Gisteren stond ik met mijn voeten in de sneeuw, op de nu nog kale plek waar volgend jaar ons nieuwbouwhuis zal staan.
Vreemd, zo'n plek waar ik nu nog helemaal geen binding mee voel, maar die straks het referentiekader zal worden voor mijn leven en dat van mijn gezin.
Ik voelde me nog wat verloren, daar op die nu nog kale bouwplaats.
Dat nu nog wat abstracte gevoel (daar te zullen wonen), gaat waarschijnlijk vanzelf over in een gevoel van duidelijkheid en vertrouwen. Maar nu moet ik het nog even doen met die onzekerheidsfactor.
Als ergens een onzekerheidsfactor aan kleeft, dan is het tenslotte wel aan deze vorm van werken.Geldverstrekkers (bijvoorbeeld voor een hypotheek, zoals ik momenteel herontdek) gebruiken dat niet voor niets als eerste argument.
Maar er zijn de afgelopen twee jaren leuke ervaringen en kansen naar me toegekomen en ik heb inmiddels een fijne basis kunnen leggen. Dus waarom dan toch die onzekerheid?
Ik betrap mezelf op allerlei vragen: weten mijn opdrachtgevers me wel weer te vinden, moet ik niet nog meer van mezelf laten horen en zien, welke kant wil ik en moet ik uit en ga zo maar door.
Op die onzekere momenten kies ik voor het volgende: ik verzet me er niet tegen, maar 'observeer' het gevoel. Het mag er even 'zijn', maar ik probeer me er niet meer door te laten leiden.
Dan denk ik aan die momenten waarop ik wel voel dat ik goed bezig ben, waarop ik weet wat mijn krachten zijn.
Mijn 5 hoofdredenen om te freelancen staan op een memo, dat ik naast mijn laptop heb gehangen. Gewoon, om er op die wat onzekere momenten weer naar te kijken en weer te voelen waarom ik deze (bewuste) keuze heb gemaakt. Dit zijn ze:
Als freelancer kan ik:
Mijn tijd tussen werk en moederschap optimaal verdelen
Volop JA zeggen tegen opdrachten en onderwerpen waar mijn hart ligt
NEE zeggen tegen opdrachten die niet goed bij me passen (ook dat heb ik overigens moeten leren)
Afwisselend werk doen en me bezighouden met uiteenlopende onderwerpen
Mijn specialismen volop inzetten.
Die beweegredenen staan voor mij nog steeds als een huis.
Bovendien: Als ik het er met anderen over heb, blijkt altijd snel: die onzekerheid is een algemeen gegeven, het hoort er gewoon bij.
Dan zie ik het meteen weer zonniger in en weet dat ik mijn zekerheid maar op 1 manier kan versterken: door verder te gaan met waar ik mee bezig ben en met wat ik het liefste doe!
Benieuwd wat jouw beweegredenen zijn:
Wat zijn jouw manieren om op onzekere momenten het goede gevoel vast te houden?
Vind jij die onzekerheidsfactor een nadeel of misschien juist een voordeel? Ik hoor het graag, laat je reactie hier achter, als je zin hebt!
zondag 17 januari 2010
zondag 10 januari 2010
Taal: een kwestie van gevoel?
Al mijn hele leven handel ik in de meeste gevallen (in eerste instantie) vanuit mijn gevoel. Zo ook in mijn werk als tekstredacteur; het toepassen van taal is voor mij met name een kwestie van gevoel.
Voor zover ik me kan herinneren – en met dank aan mijn moeder, die al mijn dicht- en schrijfspinsels heeft bewaard – begon mijn interesse voor taal al vroeg. Zo kon ik bijvoorbeeld eerder praten dan lopen.
Ook tijdens mijn schoolloopbaan was het al snel duidelijk: mijn wiskundeknobbel was ver te zoeken. Mijn vader deed verwoede pogingen om me op dat gebied het een en ander bij te brengen, maar zonder succes (sorry pap!).
Zodra het kon ontwikkelde ik een sterke voorkeur voor de 'talige' kant en stond er in mijn rapporten: Manon heeft gevoel voor Taal.
Maar wat is dat nu eigenlijk, Taalgevoel?
Ik heb er maar eens op nageslagen wat 'de geleerden' erover zeggen, en kwam de volgende omschrijving (Wikipedia) tegen:
'Taalgevoel is de menselijke eigenschap waarmee je intuïtief aanvoelt of een tekst of uitspraak voldoet aan de regels van grammatica en stijl. Taalgevoel verhoudt zich tot taalkennis zoals gezond verstand zich verhoudt tot wetenschap.'
Diezelfde omschrijving laat er direct op volgen: 'Het is een beetje gevaarlijk alleen op je taalgevoel af te gaan. Het is het beste je taalgevoel te combineren met taalkennis, wat leidt tot een grote taalvaardigheid.'
Bij mijn opdrachtgevers kom ik er natuurlijk ook niet mee weg, als ik me puur door mijn taalgevoel laat leiden. Zij moeten kunnen bouwen op mijn kennis, vaardigheden en ervaring. Bovendien houdt elke opdrachtgever er eigen taal- en spellingsregels op na, die ik respecteer en waarnaar ik wil handelen. Zo vindt er een mooie wisselwerking plaats.
Uiteraard grijp ik ook bij tijd en wijle naar de bekende Taal- en stijlbijbels als het groene boekje, de Schrijfwijzer e.d., probeer op de hoogte te blijven van taalontwikkelingen, volg zo hier en daar een cursus en wissel ervaringen uit met vakgenoten. Voor het benodigde stukje wetenschappelijke onderbouwing, zeg maar.
Dat mijn 'talenknobbel' volgens de wetenschap niet daadwerkelijk 'te meten valt' (aldus diezelfde bron), dat neem ik graag op de koop toe. Het blijft desondanks prettig om zo hier en daar buiten regeltjes te mogen denken (en te voelen). Daar komen naar mijn mening de mooiste dingen uit voort. Om heel eerlijk te zijn: ik zou niet anders kunnen (en willen). Daar krijg ik in mijn huidige werk dan ook de nodige ruimte toe en ontvang waar nodig gezonde kritiek en feedback!
Voor zover ik me kan herinneren – en met dank aan mijn moeder, die al mijn dicht- en schrijfspinsels heeft bewaard – begon mijn interesse voor taal al vroeg. Zo kon ik bijvoorbeeld eerder praten dan lopen.
Ook tijdens mijn schoolloopbaan was het al snel duidelijk: mijn wiskundeknobbel was ver te zoeken. Mijn vader deed verwoede pogingen om me op dat gebied het een en ander bij te brengen, maar zonder succes (sorry pap!).
Zodra het kon ontwikkelde ik een sterke voorkeur voor de 'talige' kant en stond er in mijn rapporten: Manon heeft gevoel voor Taal.
Maar wat is dat nu eigenlijk, Taalgevoel?
Ik heb er maar eens op nageslagen wat 'de geleerden' erover zeggen, en kwam de volgende omschrijving (Wikipedia) tegen:
'Taalgevoel is de menselijke eigenschap waarmee je intuïtief aanvoelt of een tekst of uitspraak voldoet aan de regels van grammatica en stijl. Taalgevoel verhoudt zich tot taalkennis zoals gezond verstand zich verhoudt tot wetenschap.'
Diezelfde omschrijving laat er direct op volgen: 'Het is een beetje gevaarlijk alleen op je taalgevoel af te gaan. Het is het beste je taalgevoel te combineren met taalkennis, wat leidt tot een grote taalvaardigheid.'
Bij mijn opdrachtgevers kom ik er natuurlijk ook niet mee weg, als ik me puur door mijn taalgevoel laat leiden. Zij moeten kunnen bouwen op mijn kennis, vaardigheden en ervaring. Bovendien houdt elke opdrachtgever er eigen taal- en spellingsregels op na, die ik respecteer en waarnaar ik wil handelen. Zo vindt er een mooie wisselwerking plaats.
Uiteraard grijp ik ook bij tijd en wijle naar de bekende Taal- en stijlbijbels als het groene boekje, de Schrijfwijzer e.d., probeer op de hoogte te blijven van taalontwikkelingen, volg zo hier en daar een cursus en wissel ervaringen uit met vakgenoten. Voor het benodigde stukje wetenschappelijke onderbouwing, zeg maar.
Dat mijn 'talenknobbel' volgens de wetenschap niet daadwerkelijk 'te meten valt' (aldus diezelfde bron), dat neem ik graag op de koop toe. Het blijft desondanks prettig om zo hier en daar buiten regeltjes te mogen denken (en te voelen). Daar komen naar mijn mening de mooiste dingen uit voort. Om heel eerlijk te zijn: ik zou niet anders kunnen (en willen). Daar krijg ik in mijn huidige werk dan ook de nodige ruimte toe en ontvang waar nodig gezonde kritiek en feedback!
Abonneren op:
Posts (Atom)